Viola’s Weblog

Al reizend maken we de wereld een stukje mooier!

maart 1, 2009 · Laat een reactie achter

In navolging op al onze reisverhalen is het inmiddels weer hoog tijd jullie deelgenoot te maken van onze philantropische avonturen. We hebben namelijk de afgelopen maanden niet stil gezeten dankzij alle donaties die we van jullie hebben gekregen en nog steeds krijgen. Menig stichtinghart konden we sneller laten kloppen en vandaag nemen we je mee terug in de tijd, de kerstperiode om precies te zijn, de kerst in een nog altijd arm Peru die wij gezamelijk in het teken wisten te zetten van kindereducatie!

Alhoewel we, als westerse reizigers, Peru voornamelijk kennen als een cultureel walhalla, is het voor de inwoners een land dat zich kenmerkt door de enorme verschillen tussen arm en rijk. Velen gaan gebukt onder de nog altijd heersende discriminatie in het land en helaas zijn het altijd de kleinsten der maatschappij die daar de dupe van worden. In een land als Peru zie je daarom om elf uur ’s avonds nog steeds vier jarigen op straat werken en komt het regelmatigvoor dat kleuters zo’n tien kilometer moeten lopen om bij school te komen. Een keiharde realiteit die wij ons nauwelijks kunnen voorstellen en reden temeer om hier de handen ineen te slaan.

Aangezien we als doel hebben kleine liefdadigheidsorganisaties te supporten, besluiten we in Cusco opzoek te gaan. De eisen zijn simpel: het moet een organisatie zijn die een verschil maakt in de levens van de locals, niet door ieder jaar een zak geld op tafel te leggen (en zo locals afhankelijk te maken van de “rijke” westerse wereld) maar door kennis en vaardigheden te delen waardoor men leert op eigen benen te gaan staan. En zo stuiten we op een prachtig zonnige dag op Bruce Peru. Een mini stichting die drie schooltjes met zo’n dertig leerlingen per school heeft voor de aller kleinsten die vanwege de afstand van overheidsscholen thuis zijn gehouden en daardoor analfabeet zijn. Door de leerachterstand op jonge leeftijd en het gebrek aan omgang met leeftijdsgenootjes desocialiseren kinderen en worden hun kansen in de maatschappij alleen maar kleiner. Bruce Peru zet zich hier voor in en zodra wij hier lucht van krijgen besluiten we onze armen eens flink uit de mouwen te steken.

De behulpzame locals wijzen ons de weg naar een enorm magazijn waar we een uur later bepakt en bezakt naar buiten waggelen, gebukt onder het gewicht van pennen, potloden, schrijfblokken, schriften, liniaaltjes, puntenslijpers, gummetjes, voetballen, springtouwen, en bergen stoepkrijt! Zonder aankondiging besluiten we bij de kleine stichting aan te kloppen en bij het zien van de enorme hoeveelheden producten springen de tranen in de ogen van de twee vrijwilligers. Ze laten ons dan ook niet gaan voordat we uitvoerig met ze gelunched hebben, ze er zeker van zijn dat ze al onze vragen hebben beanwtoord, foto’s hebben laten zien en ons voorzien hebben van hun vrijwilligers t-shirts. De hoeveelheid spullen blijkt genoeg te zijn voor het voorzien van 1 van de drie schooltjes voor een volledig schooljaar en terwijl ze dat vertellen schuiven ze de lade open waar “STORAGE” opstaat en staren we met grote oggen naar een lege ruimte, de voorraad was op.

We kwamen precies op het juiste moment en als we drie uur later de deur van het zeer ingotogen 1kamer appartementje weer uitlopen horen we de ene vrijwilliger nog net enthousiast tegen de andere zeggen dat ze zo gelijk gaat beginnen studiepakketjes voor de kinderen samen te stellen. Stilletjes kijken we elkaar aan, delen dezelfde glimlach en terwijl Jor uitnodigend zijn hand uitsteekt en ik zijn mijn vingers tussen zijn vingers steek lopen we zwijgend weg, ons volgende avontuur tegemoet…

Volgende keer volgen onze Amerikaanse avonturen!

→ Plaats commentaarCategorieën: Uncategorized

Californication of the Dutchies

februari 25, 2009 · Laat een reactie achter

Zoals beloofd hebben we vandaag onze Amerikaanse avonturen voor je in petto. Fasten your seatbelts, want dit keer gaan we op “roadtrip” door California waarbij we een vliegende start maken in starcity (en tegenwoordig ‘het thuis’ van onze eigen Reinout -Arnie – Oerlemans) Los Angeles!

Ons hostel ligt midden in Hollywood aan “The Walk of Fame”. We worden dan ook over the top verwelkomd door schreeuwende neonverlichting die weerkaatst in de blinkende sterren op de grond. Deze schittering staat in schril contrast met al onze voorafgaande avonturen, maar is voor de afwisseling meer dan welkom; de westerse wereld ligt weer aan onze voeten!

L.A. trakteert ons op prachtige uitzichten vanaf het oh zo bekende Hollywood-sign en een open-mic night met zeer talentvolle muzikanten uit alle uithoeken van de wereld. Allemaal zijn ze opzoek naar die ene kans op roem en daar moet alles voor wijken. Na twee dagen dezelfde verhalen te hebben aangehoord zijn we er klaar mee, huren geheel in L.A. style een blinkende bolide en rijden het avontuur tegemoet. Heel even krijgt ons plan een wel erg avontuurlijke wendig als blijkt dat Jor (op dat moment tamelijk onervaren, zeg maar gerust belabberde, navigator) ons de Highway one south opstuurt waardoor we een reis inzetten richting Mexico. Na hem er op gewezen te hebben dat hij de kaart op z’n kop heeft en we naar het noorden willen ontpopte hij zich gelukkig als navigatie talentSmile

Via highway one, ook wel the Pacific Coast Highway dat bekend staat als de mooiste route van de VS, rijden we in twee dagen naar San Francisco. Onderweg staan we versteld van de diversiteit van dit land. Ieder uur rijden we door een ander landschap terwijl we begeleid worden door de vrolijke klanken van Acda & de Munnik en het stralende zonnetje. Onderweg stoppen we bij kliffen en rotsformaties, rijden over talloze slinger weggetjes, picknicken in het bos, drinken koffie bij kneuterige tentjes en overnachten in een beachtown die we voorheen alleen uit films kenden. Prachtig!

SanFran is weer net zo fantastisch als tijdens mijn eerste bezoek en we besluiten er dan ook wat langer te blijven. We zien de Golden Gate Bridge, slenteren door de enorme parken, gaan naar de kapper in Gay-area Castro, genieten van een Jazz voorstelling, worden een dag op sleeptouw genomen door een gepensioneerd stel, varen naar boeveneiland Alcatraz en vullen eindelijk onze kleding voorraad weer aan na dat we in Cuba al onze kleding hebben weggegeven aan locals. Na een week verlaten we deze prachtstad met pijn in ons hart, wat we direct vergeten zijn zodra we uit het vliegtuig stappen en verwelkomd worden door het gerinkel van gokkasten. We have arrived in Vegas!

Volgende keer meer over dit gokparadijs en onze roadtrip door Arizona.

→ Plaats commentaarCategorieën: Uncategorized

Cuba, our side of the story…

februari 15, 2009 · Laat een reactie achter

Inmiddels zitten we met een, Starbucks koffie in de hand in prachtig hotel in NEW YORK! en hebben wij inmiddels al een paar weken Amerika achter te rug. Daarover echter later meer, daar ons, na enkele weken centraal Amerika een nieuw avontuur te wachten stond, en wel in Republica de Cuba. Reis mee door het land van de sigaren en de oldtimers onder het genot van een Cuba libre en heerlijke Jazz klanken! Een door Amerika veelvuldig en hardhandig geboycotte tropische verrassing, “slechts” honderd kilometer uit de kust van Miami. En wij hebben de eer dit paradijs eens grondig te verkennen! (Wederom geschreven door ons beideSmile)

Mede door verschillende horror verhalen van meerdere reizigers waren wij toch enigszins gespannen voor deze reis naar de, officieel, socialistische republiek. Bij aankomst in Havana was er van de veronderstelde officieuze status van het land weinig te bemerken: de ontvangst was, tegen de verwachting en allicht tegen beter weten in, behoorlijk toeristisch, de douane beambten waren relatief gemakkelijk in de omgang en de reis naar onze casa particular ging, zeker in vergelijking met Zuid- en Centraal-Amerikaanse landen, verrassend soepel. We werden opgewacht door onze vriend Christian uit DC (die op zijn visum application, uiterst overdenkend, vermeldde dat hij een governmental employee is, waardoor, logischerwijs, reeds bij dageraad een Cubaanse landsverdediger (of ideologieverdediger?) op de stoep stond om polshoogte te nemen). Tezamen met Christian en een van de eigenaars verorberen we die nacht meerdere Havana Club Cola’s en dankzij de vele ophartige gesprekken die daar mee gepaard gaan, blijkt er toch meer schuil te gaan achter de toeritische vail of ignorance.

Cuba ontpop zich in de drie weken die wij er doorbrengen tot een koloniaal paradijs waar de inwoners allang geen diepgaande gesprekken meer schuwen (in het Spaans overigens) en hun mening over het regime niet onder stoelen of banken steken. Het land waar men gemiddeld dertig dollar per maand verdient en een spijkerbroek ongeveer drie maand salarissen kost. Het land waar niemand een huis bezit (alles is in handen van de overheid) maar als je wilt verhuizen je gewoon je huis kunt ruilen. Het land waar inwoners elkaar niet vermoeien met sociale druk omdat de socialistische druk al groot genoeg is (het volkomen normaal om te trouwen of een een kind te krijgen als je 15 bent, maar het begrip is even groot als je dit liever uitstelt tot je veertigste).

Hoofdstad Havana blijkt een enigzinds vervallen maar een prachtige oude stad. Alhoewel het potetieel van de stad onmiskenbaar is, voelt het alsof we naar een fotomodel uit de jaren zestig staren: vergane glorie, maar als je verder kijkt dan de afgebladerde verf en de verzakte gevels, zie je de charmante verschijning die het ooit was. De tour die we door het land maken is veelzijdig en verrassend. Zo leren we al scoorterrijdend dat ze hier nog steeds met Ossen werken om het land te ploegen en wordt het gras met de hand (en zeis) “gemaaid”. Verbaasd zijn we over het feit geen machines te zien en honderden arbeiders op de landbouwgronden te aanschouwen. Ook “paard en wagen” is nog heel normaal aangezien niet iedereen zich een auto kan veroorloven (die ongeveer dezelfde prijs hebben als onze europese wagens, tel maar uit hoeveel jaar dat sparen is). En dus reden we op de snelweg, tijdens een dramatische dodemansrit naar Trinidad waarbij onze chaufeur twee keer in slaap dommelde (ahhhhhhh), regelmatig paard en wagen voorbij. Ook leerden we dat het eten van koe of paard in Cuba zwaar bestraft wordt. Aangezien de dieren bedoeld zijn als vervoersmiddel of werkelement staat er een gevangenisstraf van twintig jaar op het eten van de beesten. Wij hielden het dus braaf bij kip en zeevoedselSmile.

Aan het einde van ons zeer aangename verblijf, waarbij de mensen ons altijd even hartelijk ontvingen, het eten grandioos was en de musea ongelooflijk biased, kwamen tijdens een diepgaand gesprek tot het volgende: Een ieder wordt op een westerse middelbare school geleerd dat communisme weliswaar als goede theorie beschouwd kan worden (die in de praktijk nooit blijkt te werken), maar dat deze desondanks de personificatie van het kwaad is. Na drie weken lang gesprekken gevoerd te hebben met verschillende mensen, in verschillende stadia van hun professie, uit verschillende klassen van de maatschappij (die daadwerkelijk bestaan; wederom een argument tegen communisme) en uit verschillende steden of dorpen blijkt dat zij die mening delen. Desalniettemin maakte zich een paradoxaal gevoel van ons deelachtig wanneer we het leven in Cuba vergelijk met dat in Bolivia of Peru. Het wordt ons geleerd medelijden te hebben met een volk dat onder een communistisch regime leeft en derhalve geen vrijheid kent. Het Cubaanse volk heeft echter educatie, huisvesting, voedsel en een gratis stelsel van gezondheidszorg, maar geen vrijheid. De mensen in een Bolivia of Peru hebben vrijheid, maar het meerendeel beschikt niet over toereikende middelen daadwerkelijk gebruik te maken van dit in enkele niet westerse landen allicht te noemen privilege. Natuurlijk dellen wij de mening dat geen enkele prijs hoog genoeg kan zijn voor het opgeven van een van de meest basale kenmerken van ons leven, maar als een gezin kan kiezen tussen verhongeren in de goot of het resideren in een misschien wat vervallen huis, maar met genoeg middelen om het gezin gezond te houden en te leven in een maatschappij waar een ieder educatie kan genieten, is het opgeven van die vrijheid dan niet een concessie?

→ Plaats commentaarCategorieën: Uncategorized

De Caribische vibes van Midden-Amerika

februari 2, 2009 · Laat een reactie achter

Bijna drie maanden hebben we genoten van alle historische, culturele en gastronomische schatten van Zuid-Amerika. Een hoofdstuk dat, met uitzondering van de geweldloze beroving door boef Freek en de overdosis Jacky Chan, fantastisch was. Inmidels hebben we de oversteek gemaakt naar Midden-Amerika, waar we bijna een maand in de tropen vertoeven met ons vriendinnetje Shibumi (die hierna voor het gemak gewoon Boem genoemd wordtSmile). Vandaag een verhaal van ons samen (eens kijken of jullie inmiddels onze schrijfstijl kunnen herkennenWink), Lean back en reis mee!

De tijd vliegt, waardoor ik nu met een Caramel Machiato in de hand (my Starbuck’s favorite des ochends) in San Francisco probeer te herinneren wat er zich zeven weken geleden afspeelde in Midden-Amerika. De drie uur durende vlucht van Lima naar San Jose was een lachertje, daar wij onze zitspieren uitermate vastberaden getrained hadden met de eindeloze tochten in Argentinie, de roller-coasterachtige ritten in Bolivia en de slingerige bergwegen van Peru. Bij aankomst in het door reizigers gekenmerkte ’necessary evil’: San Jose, bleek ook dat wij dit onheil niet bespaard bleven, doordat wij de laatste bus naar de Monte Verde met een luttele tien minuten mistten. Er werd aldus snel een hotel geregeld en om gelazer met vervelende taxi chauffeurs te voorkomen, betaalde we een zak geld aan een gerenommeerde uitbater om spoedig op onze bestemming te arriveren. Deze buitengewoon genereuze uitgave bleek echter geen doel te treffen. Een klein uur lang waren we in gevecht met deze bijzonder arrogante en brutale sjacheraar die ons naar alles behalve onze bestemming wilde brengen en daarvoor allerlei (veelal door Zuid-Amerikaanse en Centraal-Amerikaanse chauffeurs gebruikte) excuses opwierp. Gesterkt door de vele waarschuwingen voor deze praktijken in de Amerika’s werden we uiteindelijk keurig bij het hotel afgezet en na een heerlijke sushi maaltijd die daarop volgde waren we deze, tot dan toe bespaarde misere, alweer vergeten. Wij vervolgden onze weg naar Panama City om aldaar onze Amsterdamsche vriendin op te pikken.

Vol verwachting wachtte we in ons hostel op Boem. Haar bed is versierd met slingers, onze mede hostelgasten dragen (noodgedwongen) vrolijke mutsjes en de welkomstwijn staat klaar. (Een kleine inleiding op Boem: een liefdevol, spiritueel, kleurrijk en drukke persoonlijkheid die verzorgend is, verschrikkelijk lekker kan koken en iedere ochtend wakker wordt met de meest vreemde liedjes in haar hoofd die hardop gezongen moeten wordenSmile). Als Boem dankzij een vertraagde vlucht drie uur later dan verwacht aankomt, treft ze een ietwat uitgedoofd feestje aan en hebben wij de dronkemanspraat verruild voor uitspattingen in de creative room. Waar we op onze knieen met Chantal (NL) en Micheal (USA) ijverig neonkleuren aanbrengen op een van PVC gemaakte Didgeridoo (soort muziek instument) voor we Boem in de armen vliegen en de welkomstwijn open trekken.

Onze dagen in Panama vullen we natuurlijk met een bezoek aan het Panamakanaal, waar op dat moment heel toepasselijk een boot uit Amsterdam ligt. Ook zwerven we uren door de pitoreske koloniale straatjes van Panamacity terwijl we heerlijk meet Boem bijpraten, en huren we gekke ligfietsen en skelters om langs de kust te rijden. Na een aantal dagen hebben we genoeg van alle stadse chaos en besluiten de natuur van het binnenland op te zoeken. De geboekte nachtbus halen we op het nippertje als Boem er bij het instappen achterkomt dat ze haar “roze tasje” (tasje met paspoort en bankpasjes) in het hostel heeft laten liggen en wij precies twintig minuten hebben om een taxi te vinden, deze heen en weer naar het hostel te jagen om volledig gestressed weer in te stappen.

Gelukkig hebben we in naturestad Boguete, door de Forbes verkozen als “nr 4 retirementcity of the world”, alle ruimte om uit te rusten en te onthaasten. Al scooterrijdend worden we getrakteerd op prachtige natuur en spectaculaire uitzichten terwijl we onze opgevoerde scoorters voorbij de grijze medereizigers jagen om op verlaten bergtoppen te picknicken. Na een overdosis gepensioneerde Amerikanen begeven we ons naar de Caribische kust voor wat watervertier onder het genot van reggea klanken en kleurige cocktails.

Alhoewel het nachtleven in Bocas del Toro zeven dagen per week groots is, blijkt de betonnenstad helaas niet aan het strand te liggen en zijn de watertaxi’s zijn zo duur dat we, na ook nog eens in aanraking te zijn gekomen met een ernstige vorm van huiselijk geweld, onze toevlucht in het ontspannen Costa Rica zoeken. Puerto Viejo blijkt een hippie-achtig kustplaatsje met houten huisjes die verscholen liggen tussen de tropische vegetatie. Onze laatste week brengen we surfend, fietsend en zwemmend door terwijl we genieten van goede wijn, zalig eten en nog betere gesprekken. Helaas komt aan alles een eind en zwaaien we Boem (na een uitbundig ochtendritueel van gekke liedjes) uitbundig uit voordat we zelf in het vliegtuig naar Cuba stappen.

→ Plaats commentaarCategorieën: Uncategorized

Peru: sandboardend door de Incabeschaving

januari 15, 2009 · Laat een reactie achter

Door het gebrek aan internet in Cuba en de torenhoge kosten op andere locaties is het na weken van stilte hoog tijd voor nieuws van het front. Na ons laatste bericht over Bolivia, is het nu tijd Peru aan jullie voor te stellen: het land van de Inca’s, de verloren stad Macchu Piccu en van de tropische oases in dorre woestijnen. Vandaag neemt Jor de pen (en redigeert controlfreak ViolaSmile), om jullie mee te laten genieten van zijn belevingswereld. We gaan verder waar we jullie achtergelaten hebben, namelijk de oversteek van Bolivia naar Peru. Enjoy!

“On the road” naar Cuzco nemen we ons voor tomeloos te genieten we van alles wat het prachtige landschap te bieden heeft. Helaas blijken Peruvianen te beschikken over een enorm zwak voor Jackie Chan, en dan vooral zijn werk in het genre actie comedy daterend van eind jaren zeventig en begin jaren tachtig, waardoor ons voornemen iet wat afwijkt van de negen uur durende realiteit. Alhoewel we zelf nooit fan zijn geweest van de beste man maar een Rush Hour kunnen wij nog wel verteren, blijkt Negen uur lang verplicht de meest idiote films bekijken, terwijl de beroerde Spaans nagesynchroniseerde ellende uit de speakers schalt, onverdraagbaar voor een zelfrespecterend individu. Murw geslagen van dit buitensporig leed, mede veroorzaakt door de irritatie die de locals in ons wisten op te wekken doordat zij bij film vijf even hard en frequent lachten als bij film één en in mijn (Jordi’s) lichaam nog een ontbering nasmeulde van de voortreffelijke pizzapunt in La Paz, kwamen wij aan in de keizerlijke stad Cusco. Bij het aanschouwen van deze, bijna transcedent te noemen, stad verdween het zelfmedelijden echter net zo snel als dat de Spaanse conquistadores de Inca beschaving (met Cuzco als centrum of ´navelstreng´ van hun rijk) hebben weggevaagd.

Veel tijd om te herstellen of uit te rusten van al hetgeen was voorgevallen, hadden wij niet, daar onze Alternative Inca Trail een dag later alweer vertrok. Op een, voor de verandering, heel aardig tijdstip vertrokken we met een minivan gevuld met (New) Amsterdammers (oftewel New Yorkers) richting 4500m om, genietend van alles wat de Sacred Valley te bieden heeft en filosoferend over of de tolerantie en progressiviteit die de New Yorkers heden ten dage etaleren een direct gevolg is van de Nederlandse aanwezigheid in hun stad, ons aldaar in Alpaca gehulde gewaden, 80 kilometer downhill te storten over geasfalteerde wegen en dirt roads. Volledig gesloopt van dit avontuur genoten wij een heerlijke koude douche, een voortreffelijk diner en een uitmuntende nachtrust om de volgende dag op een verdoofd tijdstip de hardloopschoenen onder te binden voor twee dagen vertier in de bergen. Deze dagen wandelen over de ‘alternative’ Inca Trial werden gekenmerkt door lange zware tochten berg op en berg af (7 uur per dag), goede gesprekken, slechte grappen, veel Amerikaanse, Nederlandse en Peruviaanse geschiedenis, veel aardbeien lollies en 35 kilometer. Op dag twee mochten wij aan het einde van de dag onze verzuurde spieren trakteren op verscheidene natuurlijke warmwaterbronnen die in the-middle-of-nowhere verscholen lagen en plots in het zicht verschenen. Aan het einde van dag drie stond ons, bij aankomst in de als ‘tourist trap’ gekarakteriseerde stad Aguas Calientes, een waar feestmaal te wachten. De overduidelijke apotheose van deze vierdaagse Inca Trail was, uiteraard, de Machu Picchu, de vergeten mystieke stad gebouwd rond 1460 (de tijd dat het Inca rijk op zijn sterkst was), maar na slechts honderd jaar alweer verlaten ten tijde (en vanwege) de Spaanse verovering van het Inca rijk. Gezien het toeristische karakter van de Machu Picchu zal ik een verder schrijven daaromtrent laten rusten en verwijs ik met liefde naar de foto’s (en wikipedia).Onze verzuurde spieren behoefde na drie dagen fysiek geweld nadere beweging en daarom besloten we tevens de Wayna Picchu te beklimmen. Deze ‘jonge (berg) piek’ geeft een ongelooflijk uitzicht op de Machu Picchu en is een van de hoogste bergen in de omgeving, waardoor je je (niet figuurlijk) on-top-of-the-world voelt.

Na drie dagen in Cusco was de tijd rijp verder te reizen naar Arequipa, La Ciudad Blanca (de witte stad). Deze wonderlijk schone stad bezit een veelvoud aan kloosters, kerken, musea en andere architectonische hoogstandjes en vanuit cultureel oogpunt was het zeer de moeite waard hier enkele dagen te vertoeven. Hoogtepunten waren het Santa Catalina klooster en Juanita, een jong Inca meisje en 500 jaar oude, perfect geconserveerde, mummy; bizar. Na drie dagen was het echter mooi geweest en zochten wij, na een overnachting in Nazca en een cessnavlucht over de gelijknamige lijnen, onze toevlucht in Huacachina, een, van origine voor de elite van Peru opgetrokken vakantie resort, door de backpacker overgenomen, 200 inwoners tellend, gehucht gebouwd rondom een oase midden in de zandduinen in het westen van Peru. Onze dagen werden daar gevuld met sandboarden, buggyriding, asshole (een kaartspel dat ons werd geleerd door (en werd gespeeld met) twee Aussies), Hemmingway’s favorite daiquiri, Gabriel Garcia Marques, Neil Strauss en meer in het algemeen, onspanning. Na een korte stop in Lima, waar wij in alle toevalligheid dineerden met een aloude bekende en de enige bezienswaardigheid in Lima bezochten, de catacombes van de Iglesia de San Francisco, vertokken wij richting de Caribbean waar we jullie de volgende keer mee over vertellen!

Hasta Luego!

→ Plaats commentaarCategorieën: Uncategorized

Christmas ‘08: De Glimlach van een kind

december 25, 2008 · Laat een reactie achter

Na het succesverhaal over de Boliviaanse zoutvlakten, een van de mooiste stukjes wereld die wij ooit gezien hebben, vandaag wat inside information over het land dat ooit alle potentie had om uit te groeien tot een welvarend land, maar daarvoor helaas nooit de kans heeft gekregen… de tragedie van Bolivia, het land dat beroofd werd van haar zilver en daarmee van de kans om haar armoede te ontgroeien.

Ooit, zo’n vierhonder jaar geleden, was Bolivia een land met enorme zilveraders. Aders van dergelijke omvang dat het niet lang duurde voordat grootveroveraar Spanje het land binnen viel en de Bolivianen, samen met de uit Afrika ingevaren slaven, etmalen liet werken. Het resultaat waren 8 miljoen doden en een enorme hoeveelheid zilver; zoveel zilver dat Spanje een gigantische zilveren brug had kunnen bouwen van bolivia naar Spanje. Zilver dat linea recta op een boot naar Spanje ging en waar de Boliviaanse arbeiders, die soms zelfs 36 uurs diensten hadden (zonder te mogen slapen), geen cent van terug zagen.

Begin 1800 lukte het de Zuid-Americanen zich te ontdoen van de Spaanse bezetters. Helaas had het zilvertijdperk van Bolivia haar vruchtbaarste tijd toen al achter de rug en was het zilver al lang en breed in Europa. De Spaanse bezetting is tot op de dag van vandaag zichtbaar in dit land. Alhoewel de inwoners toedertijd gedwongen werden tot het katholieke geloof, zijn het tegenwoordig ontzettend trouwe volgers van de Katholieke kerk. Niet alleen hebben de Spanjaarden hun religieuze stempel achtergelaten, ook is hier en daar nog een flard van de ooit bestaande rijkdom te zien in de architectuur. Cultstad Sucre is een van de mooiste steden van het land met koloniale huizen, kleurige gevels en prachtige pleinen. Een ware verademing na alle stoffige straatjes, armoedige hutjes, afgedankte honden en maaltijden die met gevaar voor eigen leven gegeten moesten worden. In deze stad zijn we dan ook even neer gestreken, hebben genoten van een film in een vervallen theather, gegeten in de populairse tent van de stad die in Nederlandse handen is, hebben we 8 lessen Spaans gevolgd om wat met locals te kunnen kletsen en vol verbazing naar de prachtige achitectuur gekeken.

In ons hostel viel ons oog bijna gelijk op een simpel geprint A4tje van een lokaal weeshuis. Het tehuis, gerund door nonnetjes, is voor kinderen die te vondeling zijn gelegd in de stad (of tegenwoordig ook gewoon bijna wekelijks voor de deur van het tehuis liggen). Op de poster werd een oproep gedaan voor geld of specifieke producten en zo stonden Jor en ik niet veel later in de babysectie van een grote supermarkt met een kar vol luiers, babybillendoekjes, blikken melkpoeder en kindermedicijnen. Vol tassen zijn we in een taxi gestapt en hebben onaangekondigd een bezoek gebracht. Een lieflijk nonnetje deed gracieus het ijzeren hek open en gaf ons de meest welkome blik die een mens maar kan krijgen. Alhoewel het even slikken was bij het zien van zoveel ´afgedankte´ kindjes en het horen van de treurige verhalen, gaf het zien van de goede zorg en de vrolijk geschilderde speelplaats enorme hoop.

Bolivia bleek bij uitstek een land waar we een steentje konden bijdragen. Zo hebben we hele bergen met kleurpotloden en kleine schetsboekjes gekocht om aan straatkinderen te geven. Toen we het winkelpersoneel in het Spaans uitlegden dat de hele voorraad wilden, dachten ze in eerste instantie dat we de Spaanse woorden verkeerd hadden geleerd of dat we gewoonweg idioot waren. Na veelvuldig aandringen pakten ze uiteindelijk alles in terwijl ze verbaasde blikken met elkaar wisselden. Vanaf dat moment zijn we iedere dag op pad gegaan met potloden en boekjes. Begonnen we in eerste instantie met het geven van een boekje en twee potloden (bv rood en geel, zodat ze ook oranje konden maken), al gauw werden we aangestoken door de enorme blijdschap van deze tere popjes en gaven we het volledige pakje met twaalf kleurtjes. Als we ze in het Spaans aanspraken en vroegen of ze de potloden wilden hebben, keken ze ons eerst vol ongeloof aan. Onze uitreikende hand deed ze beseffen dat we het meenden. Ze kregen zomaar iets, iets voor hen, iets wat niet aan ouders hoefde te worden afgestaan, iets waarmee ze zich even mee konden laten voeren naar een wereld zonder problemen, iets waarmee ze kind konden zijn. Oogjes begonnen te glinsteren, schuiffelend kwamen ze dichterbij, onze handen raakten elkaar voorzichtig en met een blik vol ontzag voor het tekenwaar pakten ze het pakketje aan. De diepliggende ogen gingen stralen en alhoewel de glimlach vaak hun rotte tandjes verraadden was het geluk er niet minder om. Ongelooflijk hoe zo’n simpel gebaar zo’n effect kan hebben!

En met dit in gedachte willen we jullie allemaal een geweldige kerst wensen! Op naar een liefdevol, leerzaam, gezond en gelukkig 2009Smile

De volgende keer nemen we jullie mee op reis door het land van de Inca´s: Peru

→ Plaats commentaarCategorieën: Uncategorized

Bolivia, bumpy roads en 4wheeldrives!

december 8, 2008 · Laat een reactie achter

Voordat we jullie mee voeren naar derde wereldland Bolivia, delen we graag op de valreep nog even onze laatste Argentijnse avond met jullie. Als afsluiter besluiten Jor en ik namelijk nog één keer lekker cultureel te doen door een theatervoorstelling te boeken. Alhoewel het ons niet geheel duidelijk is wat we precies mogen verwachten, wordt het evenement georganiseerd door de locale Rotaryclub en kopt de flyer ´Especiales!´. Onze verwachtingen zijn dus hoog. We trekken gelegenheidskleding aan, kammen keurig onze lokken en heel even zijn we omgetoverd tot een stel op stand dat zelfs onze medereizigers verbaasd doet opkijken.

De rij voor het theater blijkt inmens en als we eindelijk aan de beurt zijn worden we door de keurig in een smoking gehesen placeerder naar onze plaats gebracht. Het theater is kleurrijk en luxe en vol verwachting staren we naar het roodfluelen theaterdoek. Een gastvrouw deelt spaanstalige programmaboekjes uit en alhoewel mijn poging deze taal te ontcijferen jammerlijk faalt, baren de foto´s me lichtelijke zorgen. Het daaropvolgende introductiepraatje van een Rotarydame blijkt evenmin verhelderend maar uit de context pik ik toch op dat het hier wel om een heel speciaal concert gaat. Jor ziet mijn bezorgde blik, vraagt om opheldering en voorzichtig deel ik mijn bevindingen. Dan gaan de lichten uit, het publiek begint uitzinnig te applaudiseren en het doek gaat langzaam omhoog terwijl de muziek losbarst. Onze ogen worden groot, een grijns verschijnt en alhoewel we even aarzelen klappen we al snel vol overgave mee… voor ons staat de Argentijnse Jostiband! Het concert especiales blijkt een concert van Argentijnen met een speciale handicap, desalniettemin een memorabele afsluitingSmile

In het holst van diezelfde nacht vertrekken we naar onze nieuwe bestemming. Na een laatste aangename busreis staan we samen met onze Australische reisgenoot Benjamin als enige niet-locals om 6:30 aan de grens van Bolivia. Een grens die op dat moment nog gesloten blijkt te zijn en waar we rillend van de kou, bewapend met mutsen en wanten, gewikkeld in alle doeken die we maar kunnen vinden, gewillig wachten tot de verveelde douanebeamte ons uit wil stempelen. Na een uur is het dan zover en mogen we lopend de grens over om in Bolivia het hele stempeltafereel nog eens rustig te herhalen. Hier wordt wederom duidelijk hoe ´geliefd´ inwoners van de VS zijn als wij zonder te betalen door mogen lopen maar een Amerikaanse reiziger maarliefst 135 dollar moet afrekenen voor de benodigde prent.

De busreis naar westerncity Tupiza blijkt aanzienlijk minder confortabel. Aangezien een weg ontbreek, dendert de hoog bejaarde bus met 50 km per uur door de woestijn, gaat dwars door rivieren en produceert enorme stofwolken (in de bus!) waarbij wij drie uur lang stuiterend en proestend een poging doen ons aan de toegewezen stoel vast te klampen. De wereld die zich ondertussen voor onze ogen opent valt met niets te vergelijken. De uitgestrekte woestijn met hier en daar een dor hoopje boom of een lemen nederzetting (waar daadwerkelijk mensen wonen!), wolken die niet hoog in de lucht hangen maar achter de horizon opkomen vanwege de enorme hoogte waar we ons op bevinden (4000 meter) en onze locale medereizigers, gehuld in kleurige creaties, die vermakelijk om ons lachen terwijl ze smakkend kippebouten wegwerken (en dat om 7:00 s ochtends).

Tupiza blijkt een klein dorpje, gelegen tussen enorme bergen en is vooral het toneel van touragencies die jeeptours over de befaamde Boliviaanse zoutvlakten aanbieden. Aangezien ons is aangeraden zelf een groep te formeren om zo dodelijksaaie toeristen te mijden, weten we een vrolijk kiwi-stel (New Sealand) en een Aussie (Benjamin) te charteren voor wat later een onvergetelijk avontuur blijkt! Alhoewel de hoogte soms wat parten speelt (we bevinden ons tussen de 3000 en 5000 meter), gids Archie ons maar blijft opzadelen met woordraadsels en onze slaapplaatsen uiterst simpel zijn, ontpopt zich een sprookjesachtige wereld voor onze ogen. Bergen met zeven kleuren, onherbergzame vulkaangebieden met borrelende geisers, woestijnen met vreemde rotsen, blauwe, groene en rode meren gevuld met zuurstokroze flamengo´s, natuurlijke warmwaterbronnen, kleine dorpjes waar we overnachten, het zouthotel waar zelfs ons bed van zoutblokken is en als klap op de vuurpijl de adembenemende zoutvlakten waar we in alle vroegte de zon zien opkomen. Vlakten die ooit, 55.000 jaar geleden, een zee vormden en die inmiddels zo groots en uitgestorven zijn dat je de bolling van de aarde aan de horizon kunt waarnemen. In tegenstelling tot het nonstop gekwebbel wat jullie van me gewend zijn, was ik dit keer muisstil… breathtaking!

Volgende keer vertellen we jullie meer over Bolivia en de steentjes die we, dankzij jullie, hebben bijgedragen om de wereld een klein beetje mooier te maken.

→ Plaats commentaarCategorieën: Uncategorized

Argentinie: Where adventure and fun meet

november 26, 2008 · Laat een reactie achter

In navolging op ons eerste verhaal over Argentinië nemen we je vandaag graag mee naar het noorden van dit prachtige land. Vertelden we je de vorige keer over de overweldigende stad Buenos Aires en wijnstad Mendoza met al haar activiteiten en meesteroplichter ´Freek´, nemen we je dit keer mee op onze tocht richting Bolivia die via Cordoba en Salta loopt. Lean back en reis in gedachte met ons mee!

Na vijf dagen Mendoza zijn we toe aan een nieuwe uitdaging en besluiten, zoals het “echte” backpackers betaamt, de volgende avond te vertrekken. Ons plan om even te ontbijten en vervolgens bustickets te kopen mondt uit in blinde paniek wanneer Jor ontdekt dat hij bij het pinnen het geld wel uit de automaat heeft gepakt maar zijn pinpas vrolijk heeft laten zitten. Onze blikken kruisen, we knikken, Jor gooit wat geld op tafel zodat ik kan betalen en zoefffffffff weg is meneer, in volle galop terug naar plaats delict. Wanneer ik aankom bij de betreffende bank zie ik een verwilderde Jor zichzelf vervloeken en wanneer onze blikken wederom kruisen vervolgt er een korte knik waar ik uit op kan maken dat de pinpas in geen velden of wegen meer te bekennen is. Terug bij ons hostel blijkt het geluk toch aan onze zijde. De jonge hostel eigenaar kent de bankbeambte omdat de dame in kwestie heimelijk verliefd is op één van zijn vrienden. Na het regelen van een date met de betreffende vriend, blijkt de kluis ook een dag (ipv een week) later open te kunnen met gevolg dat de zoekgeraakte pas de volgende morgen weer veilig terug is bij de rechtmatige eigenaar. Zo zitten we welliswaar een dag later dan gepland maar mét pinpas in de bus naar de volgende stad: Cordoba.

Studentenstad Cordoba blijkt een culturele stad met een enorm scala aan prachtige kerken en musea. Alhoewel velen zeer lovende woorden over deze stad spreken, kijken wij met argusogen naar de met overgewicht kampende bevolking, de hanggroep-ouderen en de lethargisch ogende jeugd. Dat het museum van de moderne kunst ons tracteert op een geweldige collectie, de kerken van binnen onbeschrijflijk mooi zijn en het Isrealische hostel ons met open armen verwelkomt en ons leert de locale lekkernij empanadas (bladerdeeg met vulling) te maken, doet ons toch besluiten drie dagen later al weer verder te gaan.

Onze laatste stop in Argentinië, Salta, blijkt na alle onverschilligheid van Cordoba een waar paradijs. Het koloniale centrum, de goedlachse inwoners, het geweldige uitgaansleven en de gekleurde bergen die de stad omringen zijn allemaal even uitnodigend. Salta blijkt net als Mendoza uitermate geschikt voor outdoor avtiviteiten en zo zitten we een dag later weer op de rug van een paard, dit maal in het woestere landschap van noord Argentinie. Alhoewel Jor pas voor de tweede keer een paard besteigt laat hij zich niet kennen als de gauchos vragen wie een rengalop aandurft. Met enige trots zie ik Jor niet veel later wegstuiven terwijl hij langzaam verdwijnt in de enorme lading stof die hij achterlaat. Twee dagen later besluiten we wederom een wilde rit aan te gaan. Dit maal begeven we ons niet te paard maar storten we ons per raft in de kolkende watermassa´s. Als afsluiter besluiten we nog een keer het avontuur op te zoeken door met een hoge snelheid via een ziplijn van de ene berg naar de andere zoeven en dan is het tijd voor een nieuw land met nieuwe avonturen. De volgende keer nemen we jullie mee naar Bolivia!

→ Plaats commentaarCategorieën: Uncategorized

Leven als bourgondiers

november 16, 2008 · Laat een reactie achter

Na de digitale kennismaking met het kleurrijke Brazilië, nemen we je dit keer mee op avontuur door Argentinië. Argentinië, het land dat zo groot is als India met ´slechts´ zo´n 40 miljoen inwoners. Het land van de gauchos, tango´s en Maradonna, maar boven alles van de zaligmakende steaks en de heerlijke rode wijn! Geniet mee…

Na een rustige vlucht vanuit Rio komen Jor en ik laat in de avond op het vliegveld van Buenos Aires aan. Jor weet gelijk zijn zes spaanse taallessen in praktijk te brengen door ons in een veilige taxi te loodsen en de chauffeur de juiste aanwijzingen naar ons appartement te geven. Terwijl onze taxi zich in een rap tempo over de snelweg beweegt valt ons de enorme gelijkenis met Nederland op. De strakke snelwegen, de fatsoenlijke huizen en het (voor zover zichtbaar in het donker) vlakke landschap geven ons gelijk een thuisgevoel. De aankomst bij het appartement midden in Buenos Aires veroorzaakt dit gevoel deste meer. We worden verwelkomt door de goedlachse huisgenoot Roland (net als wij een Amsterdamse student) en de artistieke Cody (een homesexuele onontdekte kunstenaar uit New Sealand die op het punt staat uit het betreffende appartement gezet te worden). In de dagen die volgen blijkt dit een perfecte mix te zijn voor de nodige lol, artistieke uitspattingen en nachtelijke overdenkingen onder het genot de befaamde Argentijnse Vino Tinto (rode wijn).

Buenos Aires hebben we leren kennen als een overweldigende stad met prachtige parken, indrukwekkende musea, talrijke monumenten en schilderachtige buurten in Europeese stijl. Dagen hebben we door de stad gezworven terwijl we ieder pitoreske stukje in ons op probeerden te nemen. Stil stonden we bij het graf van Evita (Eva Peron), vol bewondering aanschouwden we een sensuele tangoshow, deden we ons tegoed aan enorme steaks (per gerecht 1 kg), genoten we van de zeer betaalbare verrukkelijke wijnen en keken we onze ogen uit bij de overdaad aan zoetigheid (taartjes, koekjes en bergen ijs) die gretig aftrek vonden bij zoutekouw Zeeman. Natuurlijk heeft Jor (zoals het een niet-echt-voetballiefhebber betaamtSmile) dé voetbalwedstrijd (Boca – Riverplate) bijgewoond (waar wederom zijn taalkennis op hoog niveau werd getest dankzij de joelende ´puta del madre´ hooligans). Ook struinden we over de enorme antiekmarkt wat tevens het podium bleek voor tallentvolle artiesten en hebben we tot vroeg in de ochtend gedanst (disco´s beginnen pas om 3 uur ´s nachts!).

Een week na onze aankomst in B.A. besloten we de oversteek naar de andere kant van het land te maken om wijnstad Mendoza te bezoeken. Na een comfortabele busreis van 14 uur in een bus met enorme relaxstoelen waar we heerlijk in wegzakten en de traktaties op rode wijn, avondeten en ontbijt, komen we volledig uitgerust aan. Mendoza blijkt een verademing te zijn dankzij haar relatief kleinschalige karakter, vele wijnproeverijen en ongekende mogelijkheden qua outdoor activiteiten. Zo hebben we samen met een gaucho door de bergen gereden, hebben we een volle dag allerlei wijnen geproefd (het gevolg kunnen jullie raden), zijn we gaan quadrijden in de woestijnbergen, hebben we gehiked en hebben we ons als klap op de vuurpijl in een krappe en donkere zilvermijn al abseilend zo´n dertig meter laten afzakken. Avontuur ten top!

Helaas bleek dit lieflijke stadje ook het toneel van een Nederlandse oplichter. Deze blonde studentikoze en zeer keurige jongeman (dat schept gelijk een band), luisterend naar de naam Freek, ons liet geloven zojuist te zijn beroofd waardoor wij gewillig de volledige inhoud van onze portomonee aan hem overdroegen. Alhoewel we er rekening mee hielden beroofd of bestolen te worden tijdens onze reis (we reizen door veel arme landen met inwoners die letterlijk niets hebben) en het omgerekend maar om 25 euro ging, is het toch een bizar om in het buitenland door je eigen landgenoten beroofd te worden. Landgenoten die niets te kort komen terwijl je het de inwoners van een land bijna gunt. Ach deze vlierefluiter loopt vast en zeker tegen de lamp en wij hebben weer een wijze les geleerd! Smile

Jullie horen het, wij genieten van iedere minuut en hopen dat jullie meegenieten!

→ Plaats commentaarCategorieën: Uncategorized

Pokerface: Brasil’s different faces

november 2, 2008 · Laat een reactie achter

Zoals beloofd nemen we je vandaag mee naar een andere wereld. Niet de wereld van onze avonturen maar de wereld zoals deze er voor anderen uit ziet. De keerzijde van het goede leven dat wij kennen, de keerzijde van de luxe van een prachtige wereldreis door een geweldig continent waar corruptie de beste manier is om je gezin te onderhouden, waar gerechtigheid nog uitgevonden moet worden, en waar de rijken schouderophalend genieten van hun rijkdom terwijl landgenoten zichtbaar lijden. Hier enerzijds het verhaal over de bedroevende situatie van een land dat over alle middelen beschikt om de schrijnende armoede uit te bannen maar dit niet doet omdat er dan minder overblijft voor die 5% die toch al stinkend rijk is. Anderzijds is hier het hoopgevende verhaal over de stichting IBISS, die ondanks alle corruptie, de vele drugsdealers, het enorme aantal daklozen, en de moeizame communicatie met de overheid, doorgaat met hun strijd tegen de uitbuiting, de oneerlijkheid en de desocialisatie in dit land. Twee werelden, één land: De keerzijde van Brazilië.

We lopen door een businessdistrict waar links en rechts de goed geklede zakenmensen om ons heen schieten. De keurige pakken, gepoetste schoenen en lederen aktetassen staan in schril contrast met de andere straatbeelden van Brazilië. In de verte zie ik een grote kar aan komen die getrokken wordt door een man op leeftijd. De man staat als een paard voor de kar en trekt de kar door de twee stangen aan weerzijde van zijn lichaam achter zich aan te trekken. Zijn korte broek is gehavend, zijn voeten zijn bloot en een t-shirt ontbreekt. Vastberaden loopt de man met een door de zon verbrand gezicht richting een kruispunt terwijl zijn magere lichaam zijn harde werken verraad. Jor en ik lopen aan de overkant van de straat als één van de wielen van zijn kar vast komt te zitten in een gat in de weg. De lading van bakstenen, zakken cement en andere bouwmaterialen is zo zwaar dat trekken geen zin heeft. De man wrikt minuten lang, houdt even op om op adem te komen en de zweetdruppels van zijn voorhoofd te vegen en gaat onvermoeibaar door: opgeven in dit land is geen optie.

Verbaasd staan wij aan de overkant. Verbaasd omdat niemand deze man te hulp schiet, niemand ook maar omkijkt, niemand zich om hem bekommerd. Het lijkt wel een film waarbij de man in slowmotion door de straat voort strompelt terwijl de wereld in hoogtempo aan hem voorbij schiet. Uiteindelijk lukt het hem zelfstandig de kar los te krijgen en met zijn lichaam naar voren gebogen het tempo te hervatten, ons verbrouwereerd achter latend…

Het is zondag als de taxi ons voor het huis van de oprichters van IBISS afzet. Anna begroet ons hartelijk, vertelt honderduit over hun achtergrond, hun keuze voor Brazilië en de werkzaamheden van de stichting en voor we het weten zitten we met z´n drieen in haar auto op weg naar de farvela. Tijdens de half uur durende autorit (Rio is zo groot als de provincie Utrecht) vertelt Anna over de problemen waar de inwoners van Rio mee kampen. School die gratis is voor de jeugd, maar ouders die met geen mogelijkheid geld voor de busreis naar school kunnen betalen; Ouders die hun kinderen bewust niet naar school laten gaan omdat ze handig zijn als bedel-element; De vele kindsoldaten in de arme wijken, kinderen vanaf een jaar of 8 die de wijken van drugsdealers bewaken en waarvan de helft de leeftijd van 15 niet haalt omdat ze als eerste sneuvelen in de vele gevechten met de politie, Maar ook de jonge meisjes (vanaf 8 jaar) die als maagd opgeeist kunnen worden door de baas van de wijk ter ontmaagding (de baas zal zich niet direct vergrijpen aan een achtjarige maar heeft het recht zodra zij volwassener is zich haar toe te eigenen), of meisjes vanaf 14 jaar die proberen zwanger raken van een drugsdealer omdat dit aanzien geeft waarbij ze trots met het kind door de wijk paraderen totdat de baas er genoeg van heeft en het verbied waarbij de woede van het meisje zich vaak op de baby richt of het kind gewoonweg voor de deur van een ziekenhuis ter vondeling wordt gelegd. Problemen die ons verstand te boven gaan en die roepen om hulp en aandacht.

Vanwege de dag van het kind is in één van de arme wijken van Rio een groot feest georganiseerd voor de kansarme kinderen. Kinderen die geen verjaardagscadeautjes kennen, die niet zoals wij zorgeloos rondrijden op hun fiets. Kinderen waarvoor een potlood of een simpele bal al reden is tot euforie. Kinderen die moeten werken zodra ze kunnen lopen en waarbij de toekomst hen niet veel meer zal bieden dan ploeteren, zwoegen en onopgemerkt blijven. Speciaal voor deze kleintjes zet IBISS zich (onder andere) in. Door vervoer naar school te regelen met lunchpakketjes, door voorlichting te geven over sex en drugs, door te onderhandelen met dealers om zo kindsoldaten vrij te krijgen, door kinderen te beschermen tegen uitbuiting en zo hun kansen in dit land te vergroten. Het feest ter ere van de dag van het kind is een feest waar de hele wijk naar toe leeft en wij kregen de mogelijkheid een beetje in deze vreugde te delen waarbij we met open armen werden ontvangen! Leef mee met onze dag:

Bij aankomst staat de hele straat al vol. Jong en oud heeft een glimlach van oor tot oor en overal horen we vrolijke klanken en uitbundig lachen. De aller kleinsten lopen met kleine zakjes ships die zojuist zijn uitgedeeld en weten niet hoe snel ze de volledige inhoud in hun gulzige mondjes moeten stoppen. De blikken richten zich heel even op ons maar gaan vervolgens direct weer naar het zakje wat beduidend interessanter is dan twee blanke bezoekers. Aangekomen bij de organisator worden we vrolijk begroet door een enorme man met een fantastische lach. Knuffels, kussen, foto´s, wat te drinken, nog meer foto´s en een rondleiding volgen. Voor de kinderen is een loterij georganiseerd waarbij er voor iedereen iets is. Hoofdprijzen zijn stoere fietsjes maar ook poppen, voetballen en boekjes liggen op de enorme stapel. In een hoek staat een grote trampoline waar enthousiaste kreten vandaan komen en even verder op staat een gigantische kleurige taart die vrij snel aan de beurt is. Een slinger van mensen staat keurig te wachten tot ze een plakje krijgen waarbij een groep meisjes zichbaar geniet terwijl ze het gebakje met zorgvuldige kleine hapjes naar binnen werken om zo het genot langer te laten duren. Ook wij mogen mee delen in het eten en ook al hebben deze mensen weinig, ons komt niets te kort. Taart, drinken, ijs, alcoholische versnaperingen, hapjes, nog meer drankjes, alles wordt gedeeld.

Uren hebben we rond gelopen en mee gefeest. In gebrekkig Portugees en met een flinke dosis gebarentaal, hebben we hele gesprekken gevoerd met de kinderen die in een cirkel om ons heen stonden. De vragen bleven maar komen: Waar komen jullie vandaan?, hoe oud zijn jullie?, wat is jullie naam?, zijn jullie getrouwd? alles wilden ze weten. Vooral mijn vorige reis door Brazilie trok hun aandacht waarbij ik wel vijf keer de steden heb moeten opnoemen die ik in Brazilie gezien heb terwijl er steeds meer vriendjes en vriendinnentjes bijgehaald werden en ik bij iedere opgenoemde stad steeds weer een oeh! en een ah! als beloning kreeg. Met de meisjes heb ik staan dansen terwijl ze me giebelend probeerden danspajes te leren en met de jongens heb ik wat engelse woordjes doorgenomen omdat ze zo nieuwsgierig waren. Een feestelijke dag met zoveel enthousiasme, nieuwsgierigheid en saamhorigheid, maar tegelijker tijd een dag die je aan het denken zet. Die je doet beseffen wat je hebt en hoe belangrijk het is dat wij ons hier voor inzetten.

Na afscheid te hebben genomen van de kinderen en vele knuffels te hebben ontvangen, beginnen we moe maar voldaan aan onze terugreis. Tijdens de terugrit komen we toevallig op de situatie van de man met de kar. We vertellen Anna over onze ongeloof, hoe kan het dat mensen onder dergelijke omstandigheden moeten leven? Hoe kan het leven zo hard zijn? Hoe, hoe, hoe? Haar antwoord gaat volledig tegen onze verwachtingen in en opent onze ogen die gesloten bleken door onze bril van westerse normen en waarden. Anna: In een stad waar meer dan de helft van de bevolking in sloppenwijken leeft, waar miljoenen mensen geen baan hebben en daardoor hun familie niet kunnen onderhouden, heeft de man met de kar relatief geluk. De kar is namelijk zijn eigendom, een eigendom die maar weinigen bezitten. De spullen op de kar geven aan dat de man werk heeft, werk wat maar weinigen in Rio hebben. Werk betekent dat deze man zijn gezin zelf kan onderhouden, een voorrecht dat maar voor weinigen hier is weggelegd¨.

Het leed dat wij dachten te zien blijkt dus eigenlijk het geluk van een hardwerkende Braziliaan die bevoorrecht is eigendom te hebben en zijn gezin te kunnen onderhouden. De keerzijde dus… voor ons stof tot nadenken!

→ Plaats commentaarCategorieën: Uncategorized