Voordat we jullie mee voeren naar derde wereldland Bolivia, delen we graag op de valreep nog even onze laatste Argentijnse avond met jullie. Als afsluiter besluiten Jor en ik namelijk nog één keer lekker cultureel te doen door een theatervoorstelling te boeken. Alhoewel het ons niet geheel duidelijk is wat we precies mogen verwachten, wordt het evenement georganiseerd door de locale Rotaryclub en kopt de flyer ´Especiales!´. Onze verwachtingen zijn dus hoog. We trekken gelegenheidskleding aan, kammen keurig onze lokken en heel even zijn we omgetoverd tot een stel op stand dat zelfs onze medereizigers verbaasd doet opkijken.
De rij voor het theater blijkt inmens en als we eindelijk aan de beurt zijn worden we door de keurig in een smoking gehesen placeerder naar onze plaats gebracht. Het theater is kleurrijk en luxe en vol verwachting staren we naar het roodfluelen theaterdoek. Een gastvrouw deelt spaanstalige programmaboekjes uit en alhoewel mijn poging deze taal te ontcijferen jammerlijk faalt, baren de foto´s me lichtelijke zorgen. Het daaropvolgende introductiepraatje van een Rotarydame blijkt evenmin verhelderend maar uit de context pik ik toch op dat het hier wel om een heel speciaal concert gaat. Jor ziet mijn bezorgde blik, vraagt om opheldering en voorzichtig deel ik mijn bevindingen. Dan gaan de lichten uit, het publiek begint uitzinnig te applaudiseren en het doek gaat langzaam omhoog terwijl de muziek losbarst. Onze ogen worden groot, een grijns verschijnt en alhoewel we even aarzelen klappen we al snel vol overgave mee… voor ons staat de Argentijnse Jostiband! Het concert especiales blijkt een concert van Argentijnen met een speciale handicap, desalniettemin een memorabele afsluiting
In het holst van diezelfde nacht vertrekken we naar onze nieuwe bestemming. Na een laatste aangename busreis staan we samen met onze Australische reisgenoot Benjamin als enige niet-locals om 6:30 aan de grens van Bolivia. Een grens die op dat moment nog gesloten blijkt te zijn en waar we rillend van de kou, bewapend met mutsen en wanten, gewikkeld in alle doeken die we maar kunnen vinden, gewillig wachten tot de verveelde douanebeamte ons uit wil stempelen. Na een uur is het dan zover en mogen we lopend de grens over om in Bolivia het hele stempeltafereel nog eens rustig te herhalen. Hier wordt wederom duidelijk hoe ´geliefd´ inwoners van de VS zijn als wij zonder te betalen door mogen lopen maar een Amerikaanse reiziger maarliefst 135 dollar moet afrekenen voor de benodigde prent.
De busreis naar westerncity Tupiza blijkt aanzienlijk minder confortabel. Aangezien een weg ontbreek, dendert de hoog bejaarde bus met 50 km per uur door de woestijn, gaat dwars door rivieren en produceert enorme stofwolken (in de bus!) waarbij wij drie uur lang stuiterend en proestend een poging doen ons aan de toegewezen stoel vast te klampen. De wereld die zich ondertussen voor onze ogen opent valt met niets te vergelijken. De uitgestrekte woestijn met hier en daar een dor hoopje boom of een lemen nederzetting (waar daadwerkelijk mensen wonen!), wolken die niet hoog in de lucht hangen maar achter de horizon opkomen vanwege de enorme hoogte waar we ons op bevinden (4000 meter) en onze locale medereizigers, gehuld in kleurige creaties, die vermakelijk om ons lachen terwijl ze smakkend kippebouten wegwerken (en dat om 7:00 s ochtends).
Tupiza blijkt een klein dorpje, gelegen tussen enorme bergen en is vooral het toneel van touragencies die jeeptours over de befaamde Boliviaanse zoutvlakten aanbieden. Aangezien ons is aangeraden zelf een groep te formeren om zo dodelijksaaie toeristen te mijden, weten we een vrolijk kiwi-stel (New Sealand) en een Aussie (Benjamin) te charteren voor wat later een onvergetelijk avontuur blijkt! Alhoewel de hoogte soms wat parten speelt (we bevinden ons tussen de 3000 en 5000 meter), gids Archie ons maar blijft opzadelen met woordraadsels en onze slaapplaatsen uiterst simpel zijn, ontpopt zich een sprookjesachtige wereld voor onze ogen. Bergen met zeven kleuren, onherbergzame vulkaangebieden met borrelende geisers, woestijnen met vreemde rotsen, blauwe, groene en rode meren gevuld met zuurstokroze flamengo´s, natuurlijke warmwaterbronnen, kleine dorpjes waar we overnachten, het zouthotel waar zelfs ons bed van zoutblokken is en als klap op de vuurpijl de adembenemende zoutvlakten waar we in alle vroegte de zon zien opkomen. Vlakten die ooit, 55.000 jaar geleden, een zee vormden en die inmiddels zo groots en uitgestorven zijn dat je de bolling van de aarde aan de horizon kunt waarnemen. In tegenstelling tot het nonstop gekwebbel wat jullie van me gewend zijn, was ik dit keer muisstil… breathtaking!
Volgende keer vertellen we jullie meer over Bolivia en de steentjes die we, dankzij jullie, hebben bijgedragen om de wereld een klein beetje mooier te maken.